Indonesië

Bron: AB-2009-22

Bezoek aan de broeders in Indonesië

Wie veel reist kan veel verhalen. Dat mag ik wel zeggen, na een zoveelste bezoek aan de broeders in Indonesië. Deze keer, in tegenstelling tot vorige keren, werden de visites beperkt tot de gemeenschappen op West- en Midden-Java. Het eigenlijke doel van de reis was het afnemen van de gelofte voor het leven van twee broeders, te weten Br. John de Britto Rismario en Br. Raymondus Pakpahan. Beiden hebben na negen jaar inleving en vorming ervoor gekozen om permanent lid te zijn van de congregatie. Onze gelukwensen!

Naast deze ceremoniële aangelegenheid was er ook een bezoek gepland aan het weeshuis in Solo. Het eerste gebouw staat er. Het plan voorziet echter in verscheidene paviljoenen. Het werd me vlug duidelijk dat de initiatiefnemers veel verwachtingen koesteren ten aanzien van de congregatie en van de sympathisanten om de bouw van dit instituut te financieren. De jongens leven voorlopig in het huis dat voor de broedercommuniteit bestemd is. De broeders zelf wonen verspreid op het terrein in een barak en in de kantoren van het weeshuis. Een dergelijke oplossing kan goed zijn voor een tijdje, maar niet voor altijd.

Ik bezocht ook twee waterpompprojecten in Jumapolo (Midden-Java) die het algemeen bestuur mee heeft gefinancierd, samen met de steun van verscheidene weldoeners. Heel wat gezinnen hebben nu stromend water, en dat is op het Indonesische platteland echt geen vanzelfsprekendheid.

Het broederhuis in Jumapolo is een open huis en de mensen uit de omgeving komen er graag een praatje maken. Omdat het oktober en dus rozenkransmaand was, kwamen mensen uit de kampong naar de kapel van het broederhuis om samen te bidden en nadien met elkaar de laatste nieuwtjes uit te wisselen. Het was een aandoenlijk dagelijks terugkerend tafereel.

De hoofdverblijfplaats tijdens deze reis was het provinciaalhuis in Jakarta. Het gebouw is enkele jaren geleden gebouwd en voorzien van bescheiden comfort. Een degelijke internetverbinding ontbreekt echter nog steeds. Wat opvalt is dat gsm ook daar hét favoriete communicatiemiddel is geworden. Voor de Indonesiërs is gsm een goedkoop en handig alternatief voor het minder betrouwbare telefoonnetwerk en het verbetert hun bereikbaarheid.

Nu en dan vroeg ik me af hoe de communicatie met de broeders in het buitenland in de toekomst zal verlopen. Een handvol Indonesische broeders leert Engels. In Brazilië doet men ook pogingen, maar voor een Braziliaan is Engels aartsmoeilijk. De tijd zal raad brengen!

De laatste dagen van de reis verbleef ik bij Br. Martin Dol. Hij beheert een kleine zoo waar dieren verblijven die door de politie in beslag werden genomen. Na een periode van quarantaine en een medisch onderzoek worden deze dieren opnieuw in de natuur losgelaten. Ik bevond me dus in het gezelschap van krokodillen, brulapen, kaketoes uit Papua-Nieuw-Guinea en meer van dat fraais. Na de drukte van de voorbije weken was er tijd voor rust, ontspanning en lectuur. En omdat die plaats hoger gelegen is, was het er veel aangenamer dan in het snikhete Jakarta.

Tijdens de reis heeft het gerommeld onder de grond. Als zoiets zich voordoet, loop je zo snel mogelijk naar buiten en hou je pas halt onder de blote hemel. Een aardbeving geeft een heel onzeker gevoel; gebouwen schudden, vloeren schuiven. Kortom: de hele omgeving lijkt in beweging te zijn. En toch … na enkele minuten is alles voorbij en komt het leven weer op gang. Deze keer niets ergs dus!

Br. Theo van den Boer

terug naar overzicht