Ethiopië

December, maand van bezoek

Pas waren onze vier fietsers vertrokken of een nieuw gezicht kwam even rondkijken in ons huis. De heer Arthur Vermeulen uit Oostakker, klascollega van Br. Jozef De Block, Piet Goossens en Omer de Dobbelaere zaliger, kwam met een heel gezelschap de heilige plaatsen van Ethiopië bezoeken. De eerste tocht ging dus naar het noorden, maar er was ook een tweede tocht naar het zuiden gepland en tussen die twee reizen zaten een tiental dagen waar niets te beleven viel. Arthur bleef in die tussentijd bij ons en leefde als een echte broeder mee in kapel, tijdens de recreatie en de werkuren. Er diende een muur afgebroken … Arthur deed het als een beeldhouwer met hamer en bijtel. Hij ontdekte het jonge tekentalent van onze kandidaat Mebratu en prompt zette hij hem aan het werk om tientallen kerstkaartjes te tekenen en te schilderen op koeileer. Als bewijs dat hij als een echte broeder geleefd had kreeg hij een T-shirt cadeau met het portret van Glorieux.

Hij was net de deur uit of er stonden meteen drie anderen voor de poort. Het waren dit keer oude bekenden: Els Cooman en Lut Segers. Els had haar vriend uit Essen (Nederland)meegebracht. Een eerste tocht bracht ons naar het Semien gebergte. Het is onmogelijk te beschrijven, men moet het gezien hebben. Nooit in mijn leven heb ik zo’n ruw en onherbergzaam landschap gezien. Toppen to boven de 4500 meter, kloven en afgronden om bij te huiveren, Gelata-bavianen die je tot op drie meter kunt naderen, berggeiten die niet weglopen. Het is precies of ze weten dat zij beschermd zijn. De begeleidende gewapende oppasser herinnert er je er wel aan dat het een wildpark is waar ook hyena’s en luipaarden rondsluipen.

De Europese Kerstmis en Nieuwjaar werden uitgebreid gevierd: kleine cadeautjes verpakt in opgerold ‘Kerk en Leven’ werden onder veel lawaai afgerold. Tot verrassing van velen waren er opdrachten uit te voeren. Iemand kreeg 100 birr cadeau maar moest na het vinden van een tweede opdracht alles verdelen onder de deelnemers. Blijde gezichten wisselden af met donkere. Een broeder moest de nationale hymne zingen, maar die kende hij niet in het Amharic. Onder daverend gelach zong hij het dan in zijn stamtaal.

Nu is het rustig in huis, het gewone leven gaat alweer zijn gang. Het is goed zo.

Br. Hugo Verhulst

terug naar hoofdpagina